Plankjes

We waren op een vernissage. Willem Broens (1947), ex-collega, maar vooral beeldend kunstenaar, had de beperkende maatregelen en lockdowns van de afgelopen twee jaar benut om een stuk of twintig ‘hommages’ toe te voegen aan een toch al indrukwekkende verzameling eerbetonen aan levende en dode schrijvers. ‘Ode aan het lezen’, stond er op de uitnodiging. Plankjes met zinnen die met grote letters geschreven waren, handgeschreven priegelletters in witte inkt op een plaat koper voor João Guimarães Rosa, een rechthoekig, roestig paneel met sjabloonletters voor H.C. ten Berge. De hommage aan Charles Baudelaire was geïllustreerd met afbeeldingen uit kunsttijdschriften. Op die aan Fritzi Harmsen van Beek was een tekst geschreven binnen de klare lijn van het silhouet van een kat. Naast het lofwerk aan Annie M.G. Schmidt hing een bijna vierkant stuk plaatstaal in de kleuren van de Oekraïense vlag, die we sinds een week of twee allemaal kennen; de hommage aan de meester van het Russische absurdisme Daniil Charms (1905 – 1942).

Het zwarte vierkant van Kazimir Malevitsj mogen we sinds de sluiting van het Amsterdamse Hermitage niet meer zien. De achtenveertig uur van Tsjaikovski en Stravinsky in de Haarlemse Philharmonie is afgelast, we spreken van geluk dat de laudatio voor Daniil Charms nog tot het einde van deze week in volle glorie valt te bewonderen in WG Kunst te Amsterdam. Maar waarom hangt deze dadaïst in de galerie naast Annie M.G. Schmidt? Omdat hij ook een schrijver van kinderboeken was? Omdat hij, net als zijn Nederlandse evenknie, daarbij geen onvoorwaardelijke kindervriend was, om het maar zachtjes uit te drukken? Van Charms is de uitspraak: Kinderen vergiftigen is wreed. Maar je moet er toch iets mee!

In 1937 schreef Charms Een man verliet een keer zijn huis voor het kindertijdschrift Het Sijsje dat begint met de regels Een man verliet een keer zijn huis / Met knapzak en met stok / Het was voor lang / Het was voor lang / Dat hij te voet vertrok. en eindigt met: Maar als het ooit nog eens gebeurt / Dat u die man ontmoet, / Vertel het ons, / Vertel het ons, / Vertel het ons met spoed.

Ooggetuigen beschrijven Charms als een lange figuur, bleek, mager, nerveus. Hij ging opvallend gekleed, rookte vaak pijp en droeg graag een zakhorloge en een paraplu. Charms was een bewonderaar van Sherlock Holmes.

Het was op het hoogtepunt van de Stalinistische zuiveringen dat hij Een man verliet een keer zijn huis publiceerde. De papieren verdwijning trok de aandacht van de geheime dienst en werd door de overheden als een ernstige provocatie gezien. Charms kreeg een publicatieverbod voor een jaar, wat niet zonder financiële gevolgen bleef. Op drie oktober schrijft Charms in zijn dagboek: Eergisteren heb ik voor 50 roebel de partituur van Roeslan verkocht, die niet van mij was. Het zakhorloge, een geschenk van zijn moeder, had hij al eerder te gelde gemaakt.

Een maand of vier eerder schreef hij over een man die zijn tong verloor, maar het noodlot in zijn voordeel liet werken: hij gaf niet op en hij bedacht dat hij plankjes kon laten zien met zinnen die met grote letters geschreven waren, en waar nodig gromde hij erbij en waar nodig jankte hij erbij, en op die manier maakte hij op de luisteraars nog meer indruk dan met gewone spraak mogelijk was geweest.

Broens beschikt nog over zijn tong, maar de rest van de karakterisering is treffend.

Dit bericht is geplaatst in tussen tuin en wereld met de tags , . Bookmark de permalink.

Een reactie op Plankjes

  1. Willem Broens schreef:

    Dank je wel Nico, je bent zoals altijd in vorm. Ik ben heel blij met het mooie taalwerkje.
    Ga je columns weer volgen.
    Als je op Texel bent; er is altijd koffie en een boek.

    Hartelijke groet van Willem

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *