Niet nodig

Javier Romo is na de tweede rustdag in de Ronde van Spanje niet meer gestart. De Spaanse wielrenner van Team Movistar viel in de vijftiende etappe en had daar twee dagen later nog zo veel last van dat hij moest opgeven. De Telegraaf noemde hem ‘het slachtoffer van een valpartij die veroorzaakt werd door een pro-Palestijnse protestactie’. Op de bewegende beelden zien we hoe een jonge man in het zwart uit de berm de weg op rent maar nog voor hij die bereikt in de greppel languit gaat. Een politieagent ziet het vanaf de andere kant van de weg en spoedt zich er naar toe. Van de schrik gaan twee renners tegen de grond; Edward Planckaert (Alpecin-Deceuninck) en Romo, die in de Vuelta al twee keer op het podium stond.

De massale steunbetuigingen aan de Palestijnse zaak van mensen langs het parcours waren mij niet ontgaan. In plaats van Spaanse en Baskische vlaggen en de gele vaandels met de Leeuw van Vlaanderen, was er het rood, wit, groen en zwart van Palestina. Tijdens de ploegentijdrit, 24,1 kilometer van Figueres naar Figueres moest de ploeg van Israël-Premier Tech door de Guardia Civil worden ontzet. Na de finish stonden de coureurs te trillen op hun benen en dat kwam niet alleen van de vermoeienis. De koersorganisatie kwam met de betogers overeen dat ze welkom waren langs de weg, maar dat de koers ongehinderd doorgang moest kunnen vinden en dat de veiligheid van de renners niet in gevaar kwam. Zes koersdagen later ging het weer mis; er waren bij de meet zoveel demonstranten dat de organisatie vreesde voor wanorde en besloot de koers drie kilometer voor de aankomst in niemandsland te beëindigen. Jonas Vingegaard (Visma-Lease a Bike) en Tom Pidcock (Q36.5) reden voorop en probeerden er zoekend en overleggend vergeefs achter te komen waar die dag de finishlijn getrokken was.

Ook in de zestiende etappe zag de organisatie zich genoodzaakt de regels tijdens de wedstrijd te veranderen; als Egon Bernal (Ineos-Grenadiers)  en Mikel Landa (Soudal-QuickStep) nog zestien kilometer voor de wielen hebben, komt het bericht dat de koers acht kilometer korter is. Boven op de Alto Castro de Herville wapperen Palestijnse vlaggen en klinken spreekkoren, onder aan de berg passeert Bernal een provisorisch over het asfalt getrokken kalklijn. Geen zegegebaar, geen finishfoto, alleen de stilte en een landweg die van niks naar nergens de heuvel op kronkelt.

De commentatoren in de studio in Brussel, Renaat Schotte en ex-renner, -ploegleider en analist José De Cauwer zijn onthutst. De eerste spreekt de woorden politieke protestdemonstratie met afschuw uit, de tweede roept in herinnering dat Bernard Hinault wel raad wist met protesterende boeren in de koers.

Het professionele wielrennen heeft nochtans de pro-Palestijnse protesten niet nodig om de koers te verstoren. Vluchtheuvels, onzichtbare paaltjes,  slordig opgestelde dranghekken in de finishstraat, voorzien daar ruimschoots in. Storm tijdens Gent – Wevelgem, modderstromen in de Tour de France, we hebben het meegemaakt. Demi Vollering die in het shirt van SD Worx in de remmen moet om ruim baan te geven aan een losgebroken paard, een hond met aan het andere eind van de lijn een stoel tussen de renners, of een bij die met een steek Juan Ayuso (UAE) noopt tot opgave.

Het mooie van de koers is dat die plaats vindt op de openbare weg waar veilig verkeer alleen de uitkomst is van elkaar de ruimte geven.

Dat de genocide in de Palestijnse gebieden al te lang heeft geduurd, staat ondertussen buiten kijf.

Dit bericht is geplaatst in koers. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *