Mijn stad

Dat Maxime Garcia Diaz niet bij mij in de klas zat, komt omdat ze opgroeide in Amsterdam Oud West en niet in Almere. Dat ze zich vaak ziek meldde, speelde ook een rol, maar anders had het in de jaren tussen 2008 en 2012 makkelijk gekund. ‘Toen ik een meisje was zat ik op de computer / Toen ik op de computer zat was ik een god/probleem/Amerikaan/volwassen man/zoon / van mijn vader/lichaam in wachtstand’, schrijft ze. In 2021 debuteerde ze met de bundel ‘Het is warm in de hivemind’, waarvoor ze de C. Buddingh’prijs kreeg en nu is er ‘Het netwerk moet gebouwd worden’, een boek van tweehonderdvijftig pagina’s waarmee ze meedingt naar de Herman de Coninckprijs op 21 maart. Mijn oudste neef Jan gaf het mij voor mijn verjaardag. Hij kent haar van de hoofdstedelijke kraakbeweging.

De late babyboomer zoals ik, denkt bij een netwerk eerst aan het tuig waarmee men vissen verschalkt. Men is gevangen in een net. Ergens in de afgelopen decennia is de betekenis van netwerk gaan overhellen naar verbondenheid en communicatieve mogelijkheden die vrijheid beloven. Ik zie mijzelf geen netwerk bouwen. Verbouwen misschien, ondermijnen liever. Netten breien kan ik niet en voor het repareren ervan mis ik de boetvaardigheid.

Maxime Garcia Diaz is net zo oud als het internet. 1993 is het geboortejaar van de Intel Pentium microprocessor en van Microsoft Windows NT. In dat jaar verschenen de eerste advertenties online en vanaf 1 mei kon iedereen een account openen bij XS4ALL. Op een van de eerste pagina’s van Het netwerk moet gebouwd worden legt ze de term daemon uit: een proces dat taken stuurt in de computer die niet op het scherm te zien zijn. Ze besluit met Een daemon werd geboren in juli.

Toen ik een meisje was zat ik op de computer / Toen ik op de computer zat was ik een transatlantische verbinding / in het beste vestigingsklimaat van de europese unie / en ik stierf naamloos en stierf en zei maxime Nu heeft ze heimwee naar de beginjaren van het nieuwe millennium, toen het internet vooral werd verkend door minderjarige avonturiers, gamers en hackers.

Schoolleiders lieten zich destijds door Microsoft bijscholen in de mogelijkheden die de nieuwe techniek bood en kwamen terug met de boodschap dat de nieuwe generatie er zo mee was vergroeid dat het maar beter was die te omarmen. Ik was als kind verslaafd en nu nog steeds schrijft Garcia Diaz. Ik was een millennial die reageerde op de babyboomgeneratie. Ik dacht na over hun idee van het internet als een schadelijke plek, ik wilde mijn internet verdedigen tegen de mensen die het niet begrijpen. Ze is van gedachten veranderd: Hoe de dingen in de war raken. Geboorteplaats, eerste referentiekader. Het was een eenzame, ongezonde stad, maar het was mijn stad.

Van gedachten veranderen is een ding, jezelf onder ogen komen een ander. Poëzie kan er bij helpen. Vertel me hoe het metrum werkt of ik vermoord je hele familie. schrijft ze, en Ik zou een eerlijk imperium willen zijn, maar dat kan niet. /  Ik voel me eenzaam wanneer ik een regel weghaal uit een gedicht. / Maar je bent helemaal goed. Je bent zo zo zo goed

En ze schrijft: Uiteindelijk ging ik weer naar school. Er moest heel wat aan te pas komen – een conrector, blijven zitten, een speciaal aangepast programma – maar ik ging weer naar school. Ik werd groot, werd normaal, ging studeren.

Bedankt Jan!

Dit bericht is geplaatst in bij de les, tussen tuin en wereld met de tags . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *