Pak pen

Omdat we het wiel niet zelf opnieuw wilden uitvinden, hadden we een dichter uitgenodigd. En niet zomaar een. In 2012 won ze de C.Buddingh’-prijs. Ze schrijft waterpsalmen: ‘De vader bidt vaak voor zijn aardappels / met vlees. Hij heeft vooraf graag een citaat // en houdt van Noach. Met de dieren naar een plek / waar niets meer vloeit. //. Misschien is ‘jas’ haar lievelingswoord, want dat komt in haar laatste bundel twee keer voor in de titels van de gedichten.

Ze had me een hand-out gemaild met het verzoek om die te vermenigvuldigen ten behoeve van de workshop die ze voor de leerlingen van vier havo zou verzorgen. Daar was ik bij de fotokopieermachine mee bezig, toen ze met uitgestoken hand op me toe kwam. De garderobe, de koffieautomaat, we zaten aan de grote tafel in de personeelskamer, haar blik dwaalde door de ruimte, terwijl ik het dagprogramma resumeerde. Ze vroeg: wat lezen scholieren van tegenwoordig nu zoal?

Het gouden ei, is nog altijd favoriet en uit de boekenkast van hun ouders: Turks Fruit, al is dat boek  niet langer een kritiek op burgerlijkheid en een hooglied van de vrijheid, maar een inkijkje in de bandeloosheid van een vorige generatie. Gelukkig vond ik op de leeslijsten van de afgelopen twee jaar ook De Consequenties van Niña Weijers (1987). Bij die laatste naam veerde mijn gesprekspartner op. Weijers was een goede vriendin, of ik wist dat volgende maand haar tweede boek verschijnt? Ik wist het: Kamers antikamers, Spannend, want een tweede boek schrijven is moeilijker dan een eerste boek.

De naam van Peter Buwalda viel. Zij was halverwege in Otmars zonen, de opvolger van Bonita Avenue lag op het andere bureau, dat van de boeken die je niet voor je werk leest. Ik vertelde dat ik juist Vallen is vliegen had uitgelezen, de horrorroman over incest van Manon Uphoff (1962), die me bij de keel had gegrepen. Of ik er iets mee zou kunnen voor de klas, was de vraag. Ja, dolgraag, maar ik weet nog niet hoe.

Ik ging naar het Amstelhotel voor de uitreiking van de Libris literatuurprijs, maar ik was niet uitgenodigd, vertelt ze terwijl we naar het lokaal lopen, toen heb ik gezegd dat ik de dochter van Manon Uphoff was. Tijdens de workshop vraagt ze mij de ogen te sluiten, terwijl ze aan mijn leerlingen vraagt wie er wel eens heeft gelogen tegen de docent. Daarna krijgt iedereen de opdracht twee beweringen over zichzelf te doen waarvan er een waar is en een niet.

Ook vraagt ze ons in drie minuten alle woorden op te schrijven die ons te binnen schieten bij het woord Oorlog en als de drie minuten voorbij zijn, zegt ze: Pak pen en moeten we een tekst schrijven die over Oorlog gaat, maar waarin de woorden die we zojuist hebben verzameld niet mogen voorkomen en het woord jas moet er wel in staan.

ik dacht aan de muntjes / die we in een put wierpen // om je wensen te laten ontkomen / komt het steeds op hetzelfde neer // je wilt iets verlaten / en gooit het op water //

Ik denk niet dat de moeder van onze gast Manon Uphoff is.

Dit bericht is geplaatst in bij de les met de tags , . Bookmark de permalink.

Een reactie op Pak pen

  1. Hans van den Hurk schreef:

    Ellen was vorig jaar ook bij ons.
    Topgastles!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *